U bent hier

Vandaag roepen jonge wetenschappers in De Standaard op om de Europese wetgeving voor GGO’s aan te passen. Het telen van nieuwe GGO’s in de Europese Unie (EU) is de facto onmogelijk. De complexe wetgeving, maar vooral de Europese politieke onwil blokkeert dit. De VUB behoort tot de pioniers in onderzoek naar genetisch gemodificeerde planten en heeft daar wereldwijd al veel goed werk mee verricht.

 

Door Geert Angenon, Henri De Greve,  Jean-Pierre Hernalsteens en Ramon de Koning

 

Velen onder ons beseffen waarschijnlijk niet dat de VUB-onderzoekers tot de pioniers behoorden in de ontwikkeling van genetisch gemodificeerde planten (vaak GGO’s genoemd, genetisch gemodificeerde organismen). In de jaren zeventig en begin jaren tachtig werkten VUB-onderzoekers als Jean-Pierre Hernalsteens, Henri De Greve en Jan Leemans nauw samen met collega’s van de UGent en het Max Planck Instituut voor Plantenveredelingsonderzoek in Keulen, onder leiding van Marc Van Montagu en Jeff Schell, die toen zowel aan de VUB als aan de UGent waren aangesteld. Hun onderzoek vormde de basis van de technologie om elke gen in planten over te dragen en tot expressie te brengen en zo genetisch gemodificeerde gewassen te creëren. Deze technieken werden op grote schaal gebruikt om nuttige planten te produceren, waaronder insectenresistente gewassen die gunstig zijn voor de boer en het milieu, omdat er minder pesticiden hoeven te worden gebruikt.

 

In de afgelopen jaren zijn nieuwe plantenveredelingstechnologieën ontwikkeld, zoals CRISPR/Cas, waardoor kleine veranderingen heel precies in het genetisch materiaal van planten kunnen worden aangebracht. Hierdoor kunnen biotechnologen op een specifieke, veilige en efficiënte manier nieuwe plantenvariëteiten met gunstige eigenschappen maken; denk aan glutenvrije tarwe, ziekteresistente bananen of rijstvariëteiten met een hogere opbrengst.

 

Aan de VUB is hard gewerkt aan de verbetering van deze technologieën om verbeterde plantensoorten te ontwikkelen. Voorbeelden zijn aardappelen en soja met een verhoogd gehalte essentiële aminozuren, bonen met een hogere voedingswaarde, planten die beschermd zijn tegen insecten (rupsen en bladluizen) door de expressie van eiwitten uit knoflook. Maar ook vingerhoedskruid dat verhoogde hoeveelheden cardenolides produceert, welke gebruikt worden voor de behandeling van patiënten met hartfalen, en planten die biofarmaceutische producten (antilichamen en antigenen) produceren in hun zaden om huisdieren te beschermen tegen bacteriële en virale infecties.

 

We hebben deze expertise overgedragen aan studenten over de hele wereld, onder andere via het Interuniversitair Masterprogramma Molecular Biology (IPMB). Dit programma heeft nu meer dan 650 alumni, van wie velen zijn teruggekeerd naar hun thuisland waar ze bijdragen aan een duurzame toekomst. Een mooi voorbeeld is alumnus Henry Wagaba van de National Agricultural Research Organization in Oeganda, die virusresistente cassaveplanten produceerde, een broodnodige hulpbron voor Oegandese boeren. 

 

Helaas krijgen deze technologieën door de strenge regelgeving in Europa geen eerlijke kans. Daarom vragen jonge onderzoekers van alle Vlaamse universiteiten, waaronder VUB-doctoraatsstudent Ramon de Koning, in een vandaag in de Belgische krant “De Standaard” gepubliceerd opinieartikel de regelgeving inzake GGO’s en NBT’s te herschrijven. Ze krijgen steun van meer dan 450 academici.

 

Lees meer op https://www.standaard.be/cnt/dmf20200226_04866574
Lees ook: “Het is zinloos om over dé genetische modificatie te spreken. Het debat zou moeten gaan over nuttigheid van toepassingen.