U bent hier

Ondanks de opkomst van dokter Google zijn patiënten nog steeds afhankelijk van hun huisarts (zie persbericht). Kersvers VUB-doctorandus Edgard Eeckman reikt in zijn proefschrift een denkkader aan om patiënten meer controle te geven, zodat ze zich beter zouden voelen.

 

In his thesis on patient empowerment and the patient-general practitioner relationship, PhD student Edgard Eeckman (61) presents a conceptual framework in which patients gain more control over their health and treatment. This gives the communication between doctor and patient an underlying goal: to involve the patients more closely in the analysis and decision-making process, as a result of which they feel better.

Tekst: Sue Somers

 

Edgard Eeckman heeft geen zittend gat: behalve woordvoerder van het UZ Brussel is hij actief bezig met theater, muziek en film. De voorbije acht jaren was er voor hobby’s echter geen tijd. Bijna elk vrij moment spendeerde hij aan zijn doctoraat, dat hij onlangs verdedigde.

“Deze studie heeft tien jaar van mijn leven in beslag genomen, dat is een kwart van mijn professionele bestaan”, zegt Edgard Eeckman. “Ik ben er nu 61, dat maakt het toch bijzonder. Ik heb een methodologie gehanteerd die me veel tijd kostte, maar ook die diep graaft. Het was echt heerlijk. En tegelijk doodvermoeiend. Ik kan eigenlijk niet meer ontspannen. Afkicken, heet dat zeker?”

In zijn doctoraat onderzoekt Eeckman de relatie tussen huisarts en patiënt en het concept patient empowerment in een tijd dat steeds meer menszen bij dr Google ten rade gaan.

 

“Ik was al langer gefascineerd door de arts-patiëntrelatie toen ik op een congres hoorde dat de patiënt dankzij de technologische vooruitgang straks meer zal weten dan zijn dokter, waardoor de patiënt aan de macht zou komen”, zo verklaart Eeckman de kiem van zijn doctoraat.

 

Bij ziekte treedt doorgaans een zekere mate op van controleverlies bij patiënten. “Dankzij het internet kan je meediscussiëren met je huisarts, maar die blijft het machtsoverwicht behouden”, stelt Eeckman vast. “Een huisarts heeft om te beginnen wettelijke macht: hij of zij kan als enige een diagnose stellen, een geneesmiddel voorschrijven en je laten thuisblijven. Hij of zij heeft ook de macht over je tijd – dat voel je als je tussen tien andere hoestende mensen zit in de wachtkamer.”

Ik heb een methodologie gehanteerd die me veel tijd kostte, maar ook die diep graaft.
-
Edgard Eeckman

Eeckman verwijst ook naar het controleverlies zodra je een ziekenhuis betreedt. “Het begint al bij de ingang, waar de signalisatie niet altijd duidelijk is. Iemand stuurt je naar kamer zoveel, waar je in je bed moet blijven tot de dokter komt. Het is aangetoond dat verlies aan autonomie mensen nog zieker kan maken.”

 

Voor zijn onderzoek voerde Eeckman een uitgebreid kwalitatief en kwantitatief onderzoek uit. Daaruit blijkt dat huisartsen vaak onvoldoende beseffen dat ze over macht beschikken en dat de patiënt afhankelijk is. “Je verandert tenslotte niet snel van huisarts, met wie je een langetermijn vertrouwensrelatie hebt en die je privé-situatie kent.”

 

Om patiënten meer controle te geven, introduceert Eeckman een nieuwe benadering, die vertrekt vanuit de onafhankelijkheidsgedachte. “Op die manier krijgt de communicatie tussen huisartsen en patiënten een onderliggend doel, namelijk de patiënt onafhankelijker maken door die nauw te betrekken bij de analyse en het beslissingsproces.”

 

Een dokter die zich arrogant of betweterig opstelt, kan het behandelings- en genezingsproces bemoeilijken, aldus Eeckman. “Iemand die daarentegen tijd vrijmaakt voor zijn of haar patiënten en hen het gevoel geeft dat ze baas zijn over hun eigen gezondheid en behandeling, kan sneller resultaten boeken.” Maar ook de patiënt moet respect betonen tegenover de huisarts.

 

Lees meer:
HLN:
“Artsen moeten rekening houden met dokter Google”